Veiligheidshuis Almere
Feiten
Beslisdocument ten behoeve van de " Doorontwikkeling Veil...
Beslisdocument ten behoeve van de " Doorontwikkeling Veiligheidshuis Almere"
In de afgelopen jaren zijn er in ons land verschillende veiligheidshuizen opgericht.
Achtergrond Veiligheidshuis Almere
Achtergrond Veiligheidshuis Almere
In 2007 heeft het Kabinet het beleidsprogramma 'Samen werken, samen leven' va...
lees meer lees meer
Ambitie Veiligheidshuis Almere
Ambitie Veiligheidshuis Almere
Het Veiligheidshuis Almere is gericht op een persoonsgebonden aanpak van...
lees meer lees meer
Veiligheidshuis Almere actueel over het veiligheidshuis partners links contact login
pagedefaultimage

Beslisdocument ten behoeve van de " Doorontwikkeling Veiligheidshuis Almere"

 

1.         Inleiding

 

In de afgelopen jaren zijn in ons land verschillende veiligheidshuizen ingericht. De veiligheidshuizen die momenteel operationeel zijn, verschillen in termen van de onderwerpen waar men zich op richt, de interventies waarop men zich oriënteert en het werkgebied dat wordt bestreken, et cetera. Daarnaast is er in sommige gevallen ook sprake van een doorontwikkeling binnen één veiligheidshuis. Een veiligheidshuis begint dan met een relatief smalle benadering en op basis van ervaren succes vindt er op termijn een uitbreiding plaats in bijvoorbeeld de onderwerpen en interventies die aan bod komen.

 

In Nederland zien we momenteel een drietal vormen van veiligheidshuizen:

het sectorale interventietype

het intersectorale interventietype

het integrale interventietype.

 

Sectorale interventietype

Oriëntatie op strafrechtelijke interventies. Primaire focus is om de strafrechtketen zo optimaal mogelijk vorm te geven. De aansluiting met de zorgketen wordt (veelal) gerealiseerd door middel van een linking-pin: een functionaris die zowel in het casusoverleg van het veiligheidshuis deelneemt als deelnemer is in zorgnetwerken waarin de interventies in de zorgketen worden afgestemd. Het veiligheidshuis is gericht op een persoonsgebonden aanpak van een vaststaand aantal thema’s, veelal veelplegers, jeugd en huiselijk geweld. Een ketenkantoor waarin (bepaalde typen) persoonsgebonden maatwerkzaken zo effectief en efficiënt mogelijk worden afgedaan. De regie hiervan ligt meestal bij het OM.

 

Intersectorale interventietype

Combinatie tussen strafrecht en zorg. Er is sprake van een multidisciplinair, operationeel netwerk waarin partners uit de strafrecht- en zorgketen hun opvattingen en belangen inbrengen. De ketens zijn echt verbonden. Partners uit de zorg brengen immers delen van hun ketenprocessen binnen het veiligheidshuis. Het veiligheidshuis wordt hierdoor een knooppunt van verschillende ketens. De netwerkfunctie maakt het mogelijk om gezamenlijk, aan de hand van een breed interventierepertoire, ‘gepaste’ interventies te kiezen en de gemaakte keuzes uit te voeren in de ketens die aan het netwerk zijn verbonden.

Het netwerk houdt zich naast een persoonsgebonden aanpak ook bezig met een groepsgerichte aanpak (jeugdgroepen). De lokale context is leidend ten aanzien van de thematische oriëntatie van het veiligheidshuis. De regie op de activiteiten in het veiligheidshuis is een gedeelde verantwoordelijkheid van het OM en de gemeente(n). Het multidisciplinaire karakter heeft immers als gevolg dat er niet één partij is die de regie kan voeren op het totaal.

 

Integrale interventietype

Naast een persoonsgebonden – en groepsgerichte aanpak is ook sprake van een gebiedsgerichte aanpak. De interventies die worden ingezet, zijn (wanneer nodig) gebaseerd op een combinatie van strafrecht, zorg, toezicht en bestuursrechtelijke handhaving. In dit type veiligheidshuis staat het netwerk voorop dat in staat is om door de ontwikkelde manier van werken in te spelen op actuele problematiek. Het netwerk is groter en heeft een meer tactisch karakter, aangezien voor specifieke probleemgebieden actieplannen worden opgesteld. In deze actieplannen worden persoonsgebonden en domeingebonden interventies beschreven en aan de betrokken partners toebedeeld. Op deze wijze worden er voor criminaliteits- en veiligheidsproblemen integrale interventies ontwikkeld en geïmplementeerd. Er is in dat opzicht sprake van ‘intelligent interventiemanagement’. Het veiligheidshuis is één van de belangrijkste vehikels voor het lokaal (integraal) veiligheidsbeleid. Gemeenten hebben een dominantere regierol. Sterker nog de doorontwikkeling naar het integrale interventietype is alleen mogelijk met een sterke, daadkrachtige en goed georganiseerde gemeente als partner. De gemeente regisseert een groot deel van de interventies die worden ingezet (zorg, toezicht, bestuursrechtelijke handhaving). De besturing vindt plaats vanuit de driehoek of vanuit een stuurgroep waarin naast de burgemeester ook andere leden van het College van B&W deelnemen. Het OM blijft vanzelfsprekend verantwoordelijk voor de inzet van het strafrecht. In dit netwerk staat het intelligent inzetten van strafrecht centraal. Dit kan inhouden dat het strafrecht juist niet wordt ingezet, omdat dit vanuit het perspectief van specifieke of generale preventie verstandiger is.

 

De drie vormen zijn ‘ideaaltypen’. Dit wil zeggen dat in de praktijk veiligheidshuizen niet per definitie volledig in één van de vormen zijn te plaatsen, maar de typeringen zijn wel ontleend aan de huidige praktijk. De typeringen bieden zowel de mogelijkheid de bestaande praktijk te duiden als de stip op de horizon te schetsen (visie en ambitie).

 

In Almere zien we dat het veiligheidshuis vooral nog een sectoraal karakter kent. De ambitie is om het komende jaar op de thema’s jeugd, veelplegers en huiselijk geweld door te groeien naar het intersectorale veiligheidshuis, waarin op een slimme en efficiënte manier de combinatie zorg en strafrecht wordt toegepast op de drie doelgroepen. Betrokkenen geven nadrukkelijk aan dat zowel de zorgketen als de justitieketen goed functioneren en nu is het zaak om deze goed aan elkaar te koppelen. De vijfhoek moet zich hier nog over uitspreken, maar de ambitie is wel om via een groeimodel uiteindelijk ook volgens het integrale model te werken in het veiligheidshuis. Voorbeelden uit andere steden leren ook dat het nodig is om stapsgewijs naar een volgende fase toe te groeien.

 

 

In deze notitie willen we naast het bepalen van de ambitie (paragraaf 2), de vertaling maken naar de geconstateerde opgaven vanuit het rapport Fijnaut en de betekenis voor het Veiligheidshuis Almere. Daarna wordt in de slotparagraaf ingegaan op de ontwikkelopgaven voor de korte termijn om het Veiligheidshuis een impuls te geven om naar de ambitie toe te groeien.

 

 

2.         Almeerse ambitie: realiseren van Intersectoraal veiligheidshuis in Almere

 

Zoals hiervoor aangegeven, is kenmerkend voor een veiligheidshuis in het intersectorale interventietype, de combinatie tussen strafrecht en zorg. Er is sprake van een multidisciplinair, operationeel netwerk waarin partners uit de strafrecht- en zorgketen hun opvattingen en belangen inbrengen. Het gaat hier verder dan het vinden van aansluiting, maar het gaat echt om het verbinden van de ketens. Partners uit de zorg brengen immers delen van hun ketenprocessen binnen het veiligheidshuis (zoals reeds met nazorg ex-gedetineerden al gebeurt). Het veiligheidshuis wordt hierdoor een operationeel knooppunt van verschillende ketens. De netwerkfunctie maakt het mogelijk om gezamenlijk, aan de hand van een breed interventierepertoire, ‘gepaste’ interventies te kiezen en de gemaakte keuzes uit te voeren in de ketens die aan het netwerk zijn verbonden. Daarnaast biedt het intersectorale karakter van het veiligheidshuis de mogelijkheid om de keten te verlengen, zowel aan de voor- als achterkant (preventie en nazorg).

Het netwerk houdt zich naast een persoonsgebonden aanpak ook bezig met een groepsgerichte aanpak (jeugdgroepen). Er is sprake van meer dynamiek ten aanzien van de thema’s die worden ‘behandeld’ in het veiligheidshuis. De lokale context is leidend ten aanzien van de thematische oriëntatie van het veiligheidshuis. De regie op de activiteiten in het veiligheidshuis is een gedeelde verantwoordelijkheid van de gemeente en het OM. Het OM is in dat opzicht minder autonoom dan in het sectorale interventiemodel. Het multidisciplinaire karakter heeft immers als gevolg dat er niet één partij is die de regie kan voeren op het totaal.

 

Het OM heeft de regie in de strafrechtketen en is vanuit die hoedanigheid verantwoordelijk voor de inzet van het strafrecht. De gemeente heeft deze rol in de zorgketen, al moet hierbij worden beseft dat directe sturingsinstrumenten veelal ontbreken. De vijfhoek functioneert als overleg waarin de opdrachtgevers zijn vertegenwoordigd. Het OM informeert in het kader van zijn procesverantwoordelijkheid in de strafrechtketen de partners in het REJO en APJ en coördineert de activiteiten van de partners in het AJB. Het beleid voor het veiligheidshuis wordt echter primair bepaald in de vijfhoek.

 

  

3.         Betekenis rapport Fijnaut voor Veiligheidshuis Almere [1]

 

Het bovenstaande is een belangrijke kapstok van de wijze waarop naar de ontwikkeling van het veiligheidshuis wordt gekeken. In die zin verschilt Almere niet van Fijnaut over het belang en de betekenis van het Veiligheidshuis voor de operationele uitvoering van het veiligheidsbeleid voor de genoemde doelgroepen. Fijnaut benadrukt terecht dat het veiligheidshuis een operationeel informatieknooppunt moet zijn, dat bijdraagt aan het versterken van de persoonsgebonden aanpak. Deze stellingname past ook in de Almeerse ambitie omtrent het Veiligheidshuis.

 

Van belang is om de aanbevelingen vanuit het rapport Fijnaut te duiden voor de Almeerse opgaven voor de komende jaren. In het rapport Fijnaut zijn de volgende aanbevelingen gedaan, waar het veiligheidshuis een rol (zou) moet(en) spelen. Achter elke aanbeveling wordt kort ingegaan op huidige stand van zaken, de ambitie (en waar nodig: de vertaling naar financiële consequenties).

 

1) Organiseer het veiligheidshuis als operationeel (en) informatieknooppunt ter bevordering van de sociale veiligheid: geen veredelde telefooncentrale, maar een netwerkorganisatie

 

Stand van zaken

Op dit moment is het veiligheidshuis vooral geconcentreerd op het thema nazorg en het JCO Veelplegers. Er is nog niet overal een natuurlijke verbinding met de zorgketen georganiseerd. In termen van bovenstaande modellen is de aanpak van de doelgroepen vooral sectoraal georganiseerd (of vanuit de zorg of vanuit justitie). De link die er is tussen nazorg en de JCO-aanpak van veelplegers (qua informatiedeling) is een mooi voorbeeld hoe fysieke samenwerking echt tot nieuwe aanpakken kunnen leiden. In die zin zijn er in het afgelopen jaar vanuit de praktijk een aantal successen ontstaan. Dit neemt niet weg dat er nog veel meer mogelijk is en dat vooral de verbreding van strafrechtelijke aanpak naar ‘risico en zorg’ een belangrijke uitdaging is om verder invulling te geven. Op het moment dat dit georganiseerd wordt, kan het veiligheidshuis ook veel meer de spil worden, op een wijze zoals Fijnaut dit in zijn rapport weergeeft.

 

Ambitie

De ambitie van Almere is met het duiden van het intersectorale model weergegeven. De crux is dat personen die een ketenoverstijgende aanpak (combinatie van de justitie en zorgketen) behoren te krijgen ook daadwerkelijk zo aangepakt gaan worden. Justitie- en zorgpartijen maken een integraal persoonsgebonden plan van aanpak en spreken daarin met elkaar af ‘wie op welk moment wat doet’. Daarin is het belangrijk dat gekeken wordt naar het behaalde effect en in welke mate de inspanningen daarin een bijdrage hebben geleverd. Belangrijk is ook dat er dan in het Veiligheidshuis een informatiesysteem is dat in staat is om personen te volgen en dat er ook managementinformatie verkregen kan worden uit het systeem.

 

Financiële consequenties

Voor het verkrijgen van een deugdelijk ketenoverstijgend systeem is een investeringsbedrag nodig. Qua informatievoorziening loopt een aantal ontwikkelingen. Een daarvan is dat JCO-support wordt uitgerold en een ander is dat Almere inmiddels kennis heeft gemaakt met CoOS (Utrecht) en PIX (Brabant). Vwb de dekking van de benodigde investering moet ook met het OM bekeken worden hoe zij vanuit haar subsidie een bijdrage kan leveren aan het ketenbrede systeem. Crux van het systeem is dat het niet nodeloos ingewikkeld wordt gemaakt en dat het vooral verbindingen kan aanbrengen met bestaande systemen. Basisvoorwaarde voor een goede invulling van het intersectorale model is dat ook partijen gezamenlijk zitting hebben in het veiligheidshuis. Gelet op de toename van het aantal betrokken (en te betrekken) partners is meer huisvestingsruimte nodig voor het Veiligheidshuis. Op dit moment kan nog geen inschatting worden gemaakt van de benodigde extra kosten.

 

2) Jongerenwerk, sociaal-cultureel werk, jeugdzorg, algemeen maatschappelijk werk, welzijnsinstellingen, reclassering en scholen dienen gestimuleerd te worden om – onder regie van het Veiligheidshuis, dan wel de Oke-punten – nauw samen te werken op het gebied van opvoedings- en gezinsondersteuning, activering en empowerment van jongeren, arbeidstoeleiding, correctie en begeleiding van (ex-delinquente) risicojongeren. Het voorkomen van grijze leefruimtes is daarbij een belangrijk uitgangspunt.

 

Huidige situatie

Deze aanbeveling is een terechte opgave voor Almere. Duidelijk is dat Almere al voorloper is met het opzetten van een Centrum voor Jeugd en Gezin (de zogenaamde Oké-punten) en daarmee veel leefgebieden van jongeren op een goede manier aan elkaar gekoppeld zijn. De zogenaamde ‘zorgpiramide’ in Almere is een goed voorbeeld dat bekend is welke jongeren, welke zorg nodig hebben en daar goed op ingespeeld wordt. Ook de justitieketen is bekend met de jongeren die strafbare feiten plegen.

 

Ambitie

Ook voor dit punt geldt dat de verbinding tussen ‘justitie’ en ‘zorg’ voor specifieke risicojongeren (waarbij vaak sprake is van multiproblematiek) invulling gegeven moet worden om te zorgen dat bepaalde jongeren niet tussen ‘wal en schip’ geraken. Daar waar hulp nodig is, moet deze ook geboden moeten worden en zullen ook de adequate voorzieningen moeten worden getroffen. Op dit moment is het nog niet inzichtelijk om hoeveel jongeren het gaat en of daartoe het voorzieningenniveau in Almere ook toereikend is. Dat is een aandachtspunt voor de nabije toekomst.

 

 

 

Financiële consequenties

Op dit moment zijn hierover geen inschattingen te maken. Eerst moet de groep geduid worden (zowel voor jeugdigen als volwassenen) waar in de combinatie van straf en zorg e.e.a moet gebeuren en of daartoe het instrumentarium aan interventies toereikend is. Belangrijke uitdaging is om eerst voor de overlappende groep (op snijvlak Veiligheidshuis en Oképunt) een integraal plan van aanpak te maken.

 

3) Plaats geweld expliciet op de veiligheidsbeleidsagenda, concentreer de inzet van mensen en middelen op concrete problemen, richt gespecialiseerde opsporingsteams in en stuur op de samenhang in de delicht, dader- en locatiegerichte aanpak van de verschillende uitingsvormen van geweldsproblematiek. Nauwe operationele samenwerking tussen de politie, de gemeente en het veiligheidshuis is hiervoor noodzakelijk.

 

Huidige situatie

Op dit moment is in Almere het project Dadergerichte Aanpak Geweld van start. Diverse werkgroepen zijn op verschillende domeinen gestart om de aanpak van geweld beter inhoud te geven. Het veiligheidshuis is hierop aangesloten.

 

Ambitie

Uiteindelijk is het de ambitie dat een aantal verworvenheden van het project geborgd gaan worden in het totaal van het veiligheidsbeleid in Almere. In de uitvoering daarvan speelt het Veiligheidshuis een voorname rol. Uitkomsten van DAG dienen derhalve ook een plek te krijgen in het Veiligheidshuis. Gelet op het beginstadium van het project is in dit stadium nog geen precieze duiding te geven van de borging van de resultaten.

 

Financiële consequenties

Geen.

 

4) Saneer de grote hoeveelheid projecten gericht op het tegengaan en bestrijden van openbare orde problematiek, vandalisme en jeugdoverlast. Cluster op basis van concrete veiligheidsproblemen (delict-, populatie-, of locatiespecifiek) de inzet van mensen en middelen en stuur op coördinatie en uitwisseling tussen verschillende relevante afdelingen binnen het stadhuis, tussen het stadhuis en de stadsdelen en tussen de stadsdelen. Hier ligt een serieuze opgave voor het veiligheidshuis.

 

Huidige situatie

Op dit moment kan het veiligheidshuis deze veronderstelde taak nooit aan. Daartoe heeft zij niet de mogelijkheden in het veiligheidshuis. Dat neemt niet weg dat – ook al zou het Veiligheidshuis dit kunnen – zij dit principieel als uitvoeringsorgaan ook niet zou moeten willen. Dit is bij uitstek een vraagstuk dat om regie vraagt op beleidsmatig niveau en daartoe is de gemeente het beste geëquipeerd.

 

Ambitie

Voor het veiligheidshuis: vooralsnog geen, aangezien het Veiligheidshuis eerst moet zorgdragen dat zij daadwerkelijk in staat is om de integrale persoonsgebonden aanpak vorm te geven op de thema’s jeugd, veelplegers en huiselijk geweld. Indien zij daartoe in staat is, kan zij ook meer toegroeien naar het integrale model, waarbij het veiligheidshuis ook gebiedsgericht kan opereren. Als zij daartoe in staat is, kan zij vanuit haar uitvoerende rol signaleren en adviseren, maar duidelijk is dat het Veiligheidshuis als uitvoerend gremium nooit de coördinatie tussen stad en stadsdelen en stadsdelen onderling vorm kan geven.

 

Financiële consequenties

Geen.

5) Besteed expliciet aandacht aan ‘first offenders’, meer – en veelplegers. Ontwikkel een sluitende, persoonsgerichte aanpak per dadergroep, gebaseerd op (onderzoek naar) profielen en systematische dossieranalyse. Specifiek voor veelplegers is het van belang aandacht te besteden – in overleg met het Openbaar Ministerie – aan dossiervorming en –opbouw, en aan toepassing van de ISD-maatregel, gekoppeld aan persoonsgerichte nazorgtrajecten (al dan niet in overleg met reclassering en/of re-integratiebedrijven). Vooral de regie over en coördinatie van een geïntegreerde aanpak van nazorg en maatschappelijke re-integratie dient door het Veiligheidshuis verstrekt te worden.

 

Huidige situatie

Enigszins verwarrend is de laatste zinsnede in deze aanbeveling (‘Vooral de regie over en coördinatie ….. te worden’), aangezien juist dit deel in het Veilligheidshuis Almere geborgd is. Dit neemt niet weg dat de persoonsgerichte aanpak versterkt moet worden over alle schakels van de keten. Vooral de verbinding tussen zorg en justitie op de complexe personen (met multiproblemen) vindt niet binnen het veiligheidshuis plaats en daarvoor is een verbreding van de separate zorg- en justitieoverleggen noodzakelijk. 

 

Ambitie

In de inleiding is de visie voor de komende periode middels het intersectorale interventiemodel nadrukkelijk vastgelegd. Via dit model kan de bovenstaande aanbeveling inhoud worden gegeven. Daarom wordt nadrukkelijk vanuit het veiligheidshuis de komende periode de justitie-oriëntatie verbreed naar risico en zorg, aangezien van daaruit alleen de noodzakelijke integraliteit in de persoonsgebonden plannen van aanpak invulling kan worden gegeven. Daarbij is het belangrijk dat de verschillende partijen ook beter van elkaar gaan weten ‘wie, wat kan in welke situatie’. De kennispositie over de inhoud van de interventies zal in deze ook verder versterkt moeten worden. Een belangrijke uitdaging voor het veiligheidshuis Almere – zeker ook in combinatie met andere veiligheidshuizen in Nederland – om dit gestalte te geven.

 

Financiële consequenties

Om de intersectorale vorm van het veiligheidshuis daadwerkelijk invulling te geven, is vooral inzet en capaciteit van de deelnemende organisaties nodig. Deze individuele problematieken van mensen (schade voor henzelf en voor de samenleving) moeten voldoende aanleiding zijn om hiervoor tijd vrij te maken vanuit de bestaande capaciteit. Niettemin zal voor het ondersteunen van de deelnemende partijen in de randvoorwaarden van het veiligheidshuis geïnvesteerd moeten worden: informatievoorziening, huisvesting, management en backoffice-ondersteuning. In samenspraak met andere partners wordt bezien hoe deze extra kosten voor het veiligheidshuis gedragen kunnen worden.

 

 

4.         Concrete ontwikkelstappen Veiligheidshuis Almere

 

Vertreksituatie

Als we kijken naar de huidige situatie in het Veiligheidshuis Almere, dan geldt het volgende als basis:

-          Nazorg ex-gedetineerden vindt plaats in het veiligheidshuis via medewerkers van de GGD

-          Een keer per veertien dagen vindt het JCO Veelplegers plaats in het veiligheidshuis (met als primaire focus de top-35 veelplegers)

-          Vanuit de politie zijn op respectievelijk de dinsdagmiddag (jeugd) en donderdag (veelplegers) de coördinatoren aanwezig in het veiligheidshuis.

-          Vanuit andere instellingen maakt alleen de reclassering op incidentele basis gebruik van het Veiligheidshuis Almere

-          De thema’s jeugd, veelplegers en huiselijk geweld worden niet vanuit het Veiligheidshuis ondersteund (qua agendavorming, verslaglegging en monitoring van afspraken).

 

Duidelijk is dat het bovenstaande nog ver af staat van de ambitie om door te groeien naar een intersectoraal veiligheidshuis. Dit maakt ook dat het op dit moment nog geen zin heeft om in een keer door te groeien naar een integraal model (ondanks het feit dat dit wel de uiteindelijke bedoeling kan zijn). Eerst zal in het Veiligheidshuis met elkaar beproefd moeten worden wat de verbinding van de twee ketens heeft qua meerwaarde voor de maatschappelijke opgave waar Almere voor staat. 

 

 

 

Ontwikkelstappen op themaniveau

Vanuit de ambitie is het belangrijk dat we als Veiligheidshuis Almere snel stappen zetten op de doorontwikkeling van de thema’s jeugd, veelplegers en huiselijk geweld. Voor het verbinden van de zorg- en justitieketen op vooraf afgestemde doelgroepen is het noodzakelijk dat een integrale werkwijze gestimuleerd wordt en er tegelijkertijd ook gebruik gemaakt wordt van de bereidwilligheid van diverse partijen om aan te sluiten in het veiligheidshuis. Het zijn namelijk mooie signalen dat instanties als Reclassering Nederland, Bureau Jeugdzorg bereid zijn om een deel van hun primaire proces in het veiligheidshuis te laten plaatsvinden en daarnaast ook actief mensen willen inzetten om de verbinding met andere partijen te realiseren. De huidige samenwerking tussen bijvoorbeeld de politie en de GGD in het Veiligheidshuis werpt op concrete casuïstiek al haar vruchten af. Door fysiek bij elkaar te zitten en goed zicht te hebben op elkaars mogelijkheden, is het mogelijk om snel verbindingen te leggen, die anders niet gelukt zouden zijn. Zo kan bijvoorbeeld een overlastgevende jongere (waar de politie haar handen vol aan heeft) ineens niet drie dagen een leer-en werkplek toegewezen krijgen, maar is dit via toedoen van de GGD omgezet naar vijf dagen. Om dit soort verbindingen te realiseren moet er zowel in de justitieketen als de zorgketen (en daaronder vallende instanties) bewustzijn en geloof ontstaan dat het bijeenbrengen van verschillende expertise en deskundigheid het mogelijk maakt dat voor het betreffende individu een beter integraal plan van aanpak gemaakt kan worden. Het integrale plan moet ertoe leiden dat de doelstelling van minder recidive én betere zorg- en hulpverlening aan het betreffende individu (wel of niet vanuit het systeem geredeneerd) gehaald kan worden.

 

Voor het verbinden van de ketens willen we in het Veiligheidshuis themadagen organiseren voor de onderwerpen jeugd, veelplegers en huiselijk geweld. Dit betekent concreet dat we voor elk thema een dag in het veiligheidshuis willen reserveren, zodat op die betreffende dag partijen uit de twee ketens elkaar treffen en met elkaar informatie uitwisselen, integrale plannen maken en met elkaar de voortgang op de individuele dossiers bezien.

 

Meer concreet betekent dit voor de thema’s het volgende:

 

Veelplegers

-          organiseer op de donderdag in het Veiligheidshuis een dag voor de veelplegers

-          breng de partijen uit de zorg- en justitieketen bijeen om gedurende een dag met elkaar samen te werken aan het terugdringen van het aantal veelplegers. Met direct betrokkenen wordt bepaald welke partijen – naast de partners in het JCO-overleg – hierop aangehaakt moeten worden 

-          verbreed de focus van de top 35 naar de andere ruime groep van veelplegers (in Almere zijn op dit moment ongeveer 300 veelplegers bekend). Voor wat betreft de grote groep wordt in de komende maanden volgens een nog te bepalen prioritering (aandachtsgroepen, specifieke delictcategorieën) plannen van aanpak op persoon gemaakt

-          maak actief gebruik van de ervaringen van het project DAG bij de aanpak van de veelplegers (in samenwerking met de projectleiding DAG) om zo ook de verbinding tussen het Veiligheidshuis en DAG concreet invulling te geven. 

 

Jeugd

-          organiseer op de maandag in het Veiligheidshuis een dag voor de aanpak van risicojeugd[2] en het delen van informatie tussen partijen over jeugdigen die in verschillende structuren met jeugdigen bezig zijn (vanuit de gedachte ‘een kind, een plan’). Belangrijk is om daarbij goed aan te sluiten op de ontwikkelde werkwijze (zorgpiramide) vanuit de zorg

-          bepaal de omvang van de groep jeugdigen die met nadruk om een integrale werkwijze tussen justitie en zorg vragen

-          met betrokkenen wordt bepaald welke functionarissen van verschillende partijen zitting nemen in het veiligheidshuis.

 

Huiselijk Geweld

-          organiseer op de dinsdag in het Veiligheidshuis een themadag voor Huiselijk Geweld

-          breng het casusoverleg uit Almere – Buiten direct naar het Veiligheidshuis Almere

-          administratieve ondersteuning wordt vanuit het veiligheidshuis

-          bepaal de omvang van de groep huiselijk geweldplegers die in aanmerking komen voor een aanpak vanuit het veiligheidshuis (een plan van aanpak dat altijd uitgaat van ‘dader, slachtoffer en eventuele kinderen)

-          werk nader hoe de verbreding van de aanpak voor heel Almere invulling kan worden gegeven

-          nagegaan wordt of processtappen van het huisverbod ondergebracht moeten worden in het veiligheidshuis

 

Uiteindelijk moet er in het Veiligheidshuis het besef ontstaan dat de samenwerking op de drie thema’s veel meerwaarde heeft en dat van onderop de behoefte gaat ontstaan om intensiever met elkaar samen te werken (en de samenwerking uit te bouwen naar meer dan een dag fysiek bij elkaar zitten). In Almere is wel het besef aanwezig dat het belangrijk dat medewerkers van organisaties niet vol continu in het Veiligheidshuis moeten zitten, aangezien dit anders het gevaar met zich mee kan brengen dat aansluiting verloren gaat met de moederorganisatie.

 

Resumerend

Eerst is het belangrijk om de basis te versterken door de opgave invulling te geven de juiste mensen vanuit de verschillende organisaties in het Veiligheidshuis onder te brengen op de genoemde dagen. Ten tweede is het belangrijk om actief in het veiligheidshuis de ondersteuning vorm te geven. Partijen moeten de meerwaarde gaan ontdekken en daarvoor is het ook belangrijk dat mensen gefaciliteerd worden (in termen van verslaglegging, agendavoorbereiding, monitoring van afspraken, et cetera). Daarna is het gewenst om ten behoeve van de ontwikkelslag te werken aan een goed functionerend ketensysteem (dat aansluit op bestaande systemen en dat gericht is op maximale ondersteuning van het overleg dat plaatsvindt in het veiligheidshuis). Uit ervaringen van veel veiligheidshuizen kan geleerd worden dat er veel aandacht wordt besteed aan de organisatie en daarbij behorende randvoorwaarden, maar dat daarmee de focus op de inhoud naar achteren verschuift. Mooi is als het Veiligheidshuis Almere de inhoud voorop stelt en vervolgens de organisatorische randvoorwaarden daaraan koppelt (informatievoorziening, privacyconvenanten, et cetera).

 

 

5.         Beslis- en vraagpunten vijfhoek

 

Op basis van de notitie zijn de volgende beslispunten van belang:

-          Stemt u als vijfhoek in met de ambitie om het Veiligheidshuis volgens de principes van het intersectorale model verder vorm en inhoud te geven?

-          Bent u het eens met de ontwikkelstappen om de doorontwikkeling de komende periode voortvarend invulling te geven?

-          Welke belemmeringen en kansen ziet u voor de komende periode ten behoeve van de doorontwikkeling van het Veiligheidshuis?

 

Status:

Op 16 september heeft de Vijfhoek ingestemd met deze notitie en kan de ketenmanager invulling geven aan de ontwikkelstappen, zoals hiervoor benoemd.

 



[1]  De gemeente Almere heeft inmiddels een integrale reactie geschreven op het rapport Fijnaut, waarin de aanpak op alle aanbevelingen van het rapport staat weergegeven. Hierin staan alleen de aanbevelingen die op het Veiligheidshuis betrekking hebben.

[2]  Voor het definiëren van risicojeugd die een aanpak vanuit het Veiligheidshuis vragen wordt momenteel met partijen een aanzet geformuleerd. Het gaat in ieder geval om de aanpak van jongeren die niet te vatten is binnen een enkelvoudige structuur als een JCO, JIT, ZAT, et cetera.